Definitieve regeling voor terugbetaling thuislaadkosten met CREG-tarief
Vennootschappen/werkgevers mogen de elektriciteitskosten voor het thuis opladen van een bedrijfswagen aan een werknemer of bedrijfsleider terugbetalen op basis van het CREG-tarief.
-
Wettelijke interestvoet bij betalingsachterstand b2b blijft voor de tweede helft van 2026 10,5%
De interestvoet die u in de tweede helft van 2026 kunt aanrekenen als u zaken doet met andere ondernemers die uw facturen te laat betalen, is bekend.
-
Werken rond uw privéwoning aan 6% btw?
In principe mag een aannemer aan 6% btw factureren als hij zgn. werken in onroerende staat uitvoert aan een pand dat minstens 10 jaar oud is en dat na de werken hoofdzakelijk voor privédoeleinden gebruikt wordt.
-
Beleggen met uw vennootschap of privé: wat levert netto het meeste op?
Uw vennootschap heeft bv. € 20.000 op de bankrekening staan die u zou willen beleggen in aandelen. Wat doet u dan het beste: dat bedrag nu als een dividend uitkeren en privé beleggen of de belegging door uw vennootschap laten doen en het geld later naar u privé halen?
Het CREG-tarief is een forfaitair bedrag per kWh, trimestrieel en per gewest vastgesteld, dat toelaat de terugbetaling eenvoudig en transparant te regelen, zonder dat de werkelijke elektriciteitsprijs moet worden aangetoond.
Eind 2024 werd het terugbetalen van de thuislaadkosten op basis van het CREG-tarief als tijdelijke maatregel ingevoerd voor 2025 om de administratieve last te verlichten. Recent heeft de fiscus deze regeling definitief gemaakt (circ. 2025/C/38, randnr. 8, 17.06.2025), de terugbetaling van laadkosten op basis van het vastgestelde CREG-tarief blijft dus zonder einddatum gelden tot de fiscus hier eventueel anders over beslist.
Werkgevers behouden de vrijheid: zij kunnen kiezen of ze de thuislaadkosten terugbetalen aan het forfaitaire CREG-tarief of op basis van de werkelijk gemaakte kosten.