Foutief “btw-verlegd” bij werken in onroerende staat: vanaf 01.01.2023 aansprakelijkheid verschoven naar klant-bouwheer
Een aannemer die zgn. werken in onroerende staat uitvoert voor een btw-plichtige moet die in principe factureren zonder btw.
-
Kilometervergoeding licht geïndexeerd sinds 1 juli 2026
Als een bestuurder of werknemer beroepsmatige verplaatsingen maakt met zijn eigen auto, motorfiets of bromfiets, dan kan hij daarvoor een forfaitaire onkostenvergoeding van resp. zijn vennootschap of zijn werkgever krijgen.
-
Vraag om inlichtingen van de Btw: antwoordtermijn in principe één maand
De btw kan u een vraag om inlichtingen sturen om gegevens op te vragen die nodig zijn om de juiste toepassing van de btw te controleren. Daarbij kan de administratie feitelijke gegevens, boekhoudkundige informatie, contracten en andere documenten opvragen, voor zover die nuttig zijn om de btw-behandeling van bepaalde prestaties te beoordelen.
-
De lokale sportvereniging fiscaal vriendelijk sponsoren
Wilt u een lokale sportvereniging of andere vereniging financieel steunen? Dan kan u dat vaak op een fiscaal interessante manier doen via sponsoring. Betaalt u namelijk een bedrag in ruil voor publiciteit voor uw zaak, dan zijn die kosten in principe volledig fiscaal aftrekbaar als publiciteitskosten.
Een aannemer die zgn. werken in onroerende staat uitvoert voor een btw-plichtige moet die in principe factureren zonder btw. Op de factuur van de aannemer staat dan “btw verlegd” vermeld. De btw-plichtige klant moet bijgevolg zelf de verschuldigde btw in rekening brengen en doorstorten naar de Staat.
Eén van de toepassingsvoorwaarden om te kunnen factureren met “btw verlegd” is dat de btw-plichtige klant op periodieke basis btw-aangiften indient (KB nr. 1, art. 20, §3). Bijgevolg kan die btw-verleggingsregel niet toegepast worden zo de aannemer factureert aan een zgn. kleine ondernemer voor de btw die weliswaar over een btw-nummer beschikt maar die geen btw-aangiften moet indienen op maand- of kwartaalbasis. Bijgevolg moet de aannemer in zulk geval factureren met btw in plaats van met “btw verlegd”. Bij foutieve toepassing is de aannemer daarvoor aansprakelijk.
Vanaf 1 januari 2023 moet een aannemer voor zijn werkende onroerende staat gefactureerd aan een btw-plichtige volgende vermelding of zijn factuur plaatsen (KB 26.10.2022, BS 10.11.2022, ed. 2, 10.11.2022, art. 13): “Verlegging van heffing. Bij gebrek aan schriftelijke betwisting binnen een termijn van één maand na de ontvangst van de factuur, wordt de afnemer geacht te erkennen dat hij een belastingplichtige is gehouden tot de indiening van periodieke aangiften. Als die voorwaarde niet vervuld is, is de afnemer ten aanzien van die voorwaarde aansprakelijk voor de betaling van de verschuldigde belasting, interesten en geldboeten.”
Als de aannemer dan ten onrechte met “btw verlegd” factureert, maar die vermelding heeft opgenomen op zijn factuur, dan is hij niet langer aansprakelijk voor de betaling van de btw, zo zijn klant niet binnen de maand na de ontvangst van zijn factuur reageert. Het is dan de klant-bouwheer die aansprakelijk is voor de betaling van de verschuldigde btw, interesten en geldboeten.