Nieuwe Belgische meerwaardebelasting van 10%: wat betekent dit voor uw beleggingen?
In het kader van het regeerakkoord 2025-2029 is er al enige tijd heel wat te doen omtrent de meerwaardebelasting. De wet op de meerwaardebelasting is nu definitief en werd gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad, met inwerkingtreding op 1 januari 2026.
-
Koopt u een nieuwe auto beter nog in 2026 dan in 2027?
Stel u wil een nieuwe auto aankopen of leasen voor uw onderneming (eenmanszaak of vennootschap). Kan u dit dan beter nog in 2026 doen of kan u fiscaal gezien evengoed wachten tot in 2027?
-
Wanneer heeft uw vennootschap recht op investeringsaftrek voor boekjaar 2026?
Doet uw kleine vennootschap een nieuwe investering, dan kan zij daarvoor onder bepaalde voorwaarden genieten van de investeringsaftrek. Wanneer moet die investering precies gebeuren om nog recht te hebben op de investeringsaftrek voor boekjaar 2026?
-
Winst toegewezen aan een liquidatiereserve
Om de correcte beslissingen te nemen tijdens en bij de afsluiting van boekjaar 2025, moeten drie vragen gesteld worden: 1. Vanaf welke tijdstip kunnen – eerder aangelegde – liquidatiereserves fiscaal voordelig uitgekeerd worden? 2. Vormt het een opportuniteit om liquidatiereserves vervroegd uit te keren? 3. Vormt het een opportuniteit om liquidatiereserves aan te leggen voor boekjaar 2025?
De meerwaardebelasting is van toepassing op een brede waaier aan beleggingen: beursgenoteerde en niet‑beursgenoteerde aandelen, obligaties, fondsen en ETF’s, afgeleide producten (derivaten), bepaalde levens‑ en beleggingsverzekeringen (tak 21, 23 en 26), cryptoactiva en sommige vormen van beleggingsgoud. Blijven buiten schot: klassieke spaar en termijnrekeningen net als de tweede (vapz, IPT, groepsverzekering, POZ) en de derde (pensioensparen) pensioenpijler.
Belangrijk om te weten is dat het tarief van 10% enkel speelt voor het “normale”, niet‑speculatieve beheer van uw privévermogen: wie speculatief handelt, blijft 33% betalen, en wie als professionele belegger wordt beschouwd, wordt belast via de progressieve tarieven in de personenbelasting, wat kan oplopen tot 50%.
De wet voorziet wel in een jaarlijkse vrijstelling van € 10.000 aan gerealiseerde meerwaarden per belastingplichtige, die bovendien geïndexeerd wordt. Gebruikt u die vrijstelling niet volledig, dan mag u tot € 1.000 per jaar doorschuiven naar de volgende jaren, maximaal vijf jaar lang, zodat u een extra buffer van € 5.000 kunt opbouwen. Wie bijvoorbeeld slechts één keer om de vijf jaar een belegging met winst verkoopt, kan zo tot € 15.000 aan meerwaarden belastingvrij realiseren; alleen wat u daarboven verdient, wordt dan effectief belast aan 10%.