Privé een gemeubeld appartement verhuren aan particulieren
Wil u privé een gemeubelde woning verhuren, dan wordt u zowel belast op het verhuren van de woning als op het verhuren van de meubels. Het verhuren van een gemeubeld appartement is fiscaal gezien nl. een combinatie van onroerende verhuur en roerende verhuur.
-
Koopt u een nieuwe auto beter nog in 2026 dan in 2027?
Stel u wil een nieuwe auto aankopen of leasen voor uw onderneming (eenmanszaak of vennootschap). Kan u dit dan beter nog in 2026 doen of kan u fiscaal gezien evengoed wachten tot in 2027?
-
Wanneer heeft uw vennootschap recht op investeringsaftrek voor boekjaar 2026?
Doet uw kleine vennootschap een nieuwe investering, dan kan zij daarvoor onder bepaalde voorwaarden genieten van de investeringsaftrek. Wanneer moet die investering precies gebeuren om nog recht te hebben op de investeringsaftrek voor boekjaar 2026?
-
Winst toegewezen aan een liquidatiereserve
Om de correcte beslissingen te nemen tijdens en bij de afsluiting van boekjaar 2025, moeten drie vragen gesteld worden: 1. Vanaf welke tijdstip kunnen – eerder aangelegde – liquidatiereserves fiscaal voordelig uitgekeerd worden? 2. Vormt het een opportuniteit om liquidatiereserves vervroegd uit te keren? 3. Vormt het een opportuniteit om liquidatiereserves aan te leggen voor boekjaar 2025?
Het is daarom aangewezen om in de huurovereenkomst een opsplitsing te maken tussen de huurprijs voor de woning en die voor de meubels. Doet u dit niet, dan gaat de fiscus ervan uit dat 60% van de huur betrekking heeft op de woning en 40% op de meubels.
Verhuurt u de woning aan particulieren die het pand uitsluitend privé gebruiken (dus niet beroepsmatig), dan wordt u voor de woning belast op het geïndexeerde kadastraal inkomen, verhoogd met 40%. Dit bedrag wordt samen met uw andere privé-inkomsten belast volgens de progressieve tarieven van de personenbelasting.
Voor de meubels wordt u belast op de ontvangen inkomsten die betrekking hebben op de verhuur van de meubels en dit verminderd met 50%. Dit bedrag wordt belast tegen 30%. Daarom is het doorgaans fiscaal voordelig om het aandeel van de huurprijs voor de meubels zo laag mogelijk, maar wel realistisch, vast te leggen in de huurovereenkomst. Afhankelijk van de concrete situatie kan bijvoorbeeld een aandeel van 20% voor de meubels worden verantwoord.