Sinds 1 januari 2021 inkomsten uit zgn. deeleconomie niet langer vrijgesteld van belastingen
Tot en met 31.12.2020 werden bepaalde inkomsten uit de zgn. deeleconomie vrijgesteld van personenbelasting, op voorwaarde dat deze niet meer bedroegen dan € 6.340.
-
Wettelijke interestvoet bij betalingsachterstand b2b blijft voor de tweede helft van 2026 10,5%
De interestvoet die u in de tweede helft van 2026 kunt aanrekenen als u zaken doet met andere ondernemers die uw facturen te laat betalen, is bekend.
-
Werken rond uw privéwoning aan 6% btw?
In principe mag een aannemer aan 6% btw factureren als hij zgn. werken in onroerende staat uitvoert aan een pand dat minstens 10 jaar oud is en dat na de werken hoofdzakelijk voor privédoeleinden gebruikt wordt.
-
Beleggen met uw vennootschap of privé: wat levert netto het meeste op?
Uw vennootschap heeft bv. € 20.000 op de bankrekening staan die u zou willen beleggen in aandelen. Wat doet u dan het beste: dat bedrag nu als een dividend uitkeren en privé beleggen of de belegging door uw vennootschap laten doen en het geld later naar u privé halen?
Tot en met 31.12.2020 werden bepaalde inkomsten uit de zgn. deeleconomie vrijgesteld van personenbelasting, op voorwaarde dat deze niet meer bedroegen dan € 6.340. Het gaat om inkomsten uit diensten die een nevenactiviteit zijn, verstrekt aan private natuurlijke personen via een door de overheid georganiseerd of erkend elektronisch platform. Door een arrest van het Grondwettelijk Hof van 23.04.2020 moest men voor de periode vanaf 01.01.2021 een nieuwe regeling uitwerken.
Uit een bericht van de FOD Financiën blijkt nu dat deze inkomsten die sinds 1 januari 2021 worden betaald of toegekend, opnieuw belastbaar zijn tegen een tarief van 20%. Dit tarief wordt echter pas toegepast na een forfaitaire kostenaftrek van 50%. De uiteindelijke belastingdruk bedraagt dus 10%, te vermeerderen met de aanvullende gemeentebelasting. Vanaf 1 februari 2021 zullen de erkende platformen opnieuw bedrijfsvoorheffing moeten inhouden op deze inkomsten.