Tijdelijke versoepeling forfaitaire 35% btw-aftrek bedrijfswagen
De recuperatie van btw op bedrijfswagens is beperkt tot het beroepsmatig gebruik ervan (en bovendien sowieso beperkt tot 50%). Het beroepsgebruik kan volgens 3 methoden vastgesteld worden.
-
Kilometervergoeding licht geïndexeerd sinds 1 juli 2026
Als een bestuurder of werknemer beroepsmatige verplaatsingen maakt met zijn eigen auto, motorfiets of bromfiets, dan kan hij daarvoor een forfaitaire onkostenvergoeding van resp. zijn vennootschap of zijn werkgever krijgen.
-
Vraag om inlichtingen van de Btw: antwoordtermijn in principe één maand
De btw kan u een vraag om inlichtingen sturen om gegevens op te vragen die nodig zijn om de juiste toepassing van de btw te controleren. Daarbij kan de administratie feitelijke gegevens, boekhoudkundige informatie, contracten en andere documenten opvragen, voor zover die nuttig zijn om de btw-behandeling van bepaalde prestaties te beoordelen.
-
De lokale sportvereniging fiscaal vriendelijk sponsoren
Wilt u een lokale sportvereniging of andere vereniging financieel steunen? Dan kan u dat vaak op een fiscaal interessante manier doen via sponsoring. Betaalt u namelijk een bedrag in ruil voor publiciteit voor uw zaak, dan zijn die kosten in principe volledig fiscaal aftrekbaar als publiciteitskosten.
De recuperatie van btw op bedrijfswagens is beperkt tot het beroepsmatig gebruik ervan (en bovendien sowieso beperkt tot 50%). Het beroepsgebruik kan volgens 3 methoden vastgesteld worden. In de eerste plaats kan men zich baseren op de werkelijk gereden beroepskilomters bv. op basis van een rittenadministratie (mehtode 1). Daarnaast kan een semi-forfaitaire berekening van het percentage privégebruik van de wagen gehanteerd worden (methode 2). Tenslotte kan er geopteerd worden voor een forfaitaire methode die het beroepsgebruik vastlegt op 35% (methode 3).
Belastingplichtigen (die twee of meerdere bedrijfswagens hebben) kunnen de forfaitaire methode (methode 3) normaliter niet combineren met één van de twee andere methodes. De derde methode moet tevens minstens 4 jaar gebruikt worden. De minister van Financiën heeft midden januari 2021 te kennen gegeven dat van die regels afgeweken wordt. Belastingplichtigen die de semi-forfaitaire methode (tweede methode) toepassen, kunnen zich voor kalenderjaar 2020 beroepen op het 35% forfait, maar voor 2021 kunnen ze weer terugvallen op de tweede methode. De vereiste om de forfaitaire methode minstens 4 jaar te gebruiken komt dus te vervallen. Er wordt ook toegelaten om gedurende kalenderjaar 2020 methode 2 en methode 3 te combineren.