Verhuur van studentenkamers zonder btw opnieuw in de planning vanaf 1 oktober 2021
De verhuur van een onroerend goed is in principe vrijgesteld van btw.
-
Geregistreerd kassasysteem horeca (GKS) 2.0: tolerantieperiode opnieuw verlengd tot en met 30 juni 2026!
Voor (nieuwe) horecazaken die een GKS moeten gebruiken (omzetdrempel van € 25.000 (excl. btw) overschreden in de periode van 1 april 2026 t.e.m. 30 juni 2026) maar nog geen GKS hebben, wordt de verplichte installatie van het nieuwe geregistreerd kassasysteem: GKS 2.0 (de ‘witte kassa’) een laatste keer uitgesteld. Deze verplichting werd eerder al uitgesteld tot en met 31 maart 2026, maar de tolerantie loopt nu door tot en met 30 juni 2026.
-
Aangifte personenbelasting 2025: deze documenten moet u tijdig aanleveren aan uw accountant
Uw aangifte personenbelasting over 2025 moet uiterlijk op 15 juli 2026 via Tax-on-web worden ingediend. Heeft u een ‘complexe’ aangifte, dan dient u deze uiterlijk op 16 oktober 2026 in te dienen. Maar welke informatie en documenten moet u zeker nog aan uw accountant bezorgen?
-
Btw-klantenlisting en vrijstellingsregeling voor kleine ondernemingen: deadline verschoven van 31 maart 2026 naar 30 april 2026
Zoals eerder gecommuniceerd moeten kleine ondernemingen die onder de btw-vrijstellingsregeling vallen, voortaan een klantenlisting indienen, ook als het om een nihillisting (u heeft geen enkele klant die in de listing vermeld moet worden) gaat. Vanaf nu moeten zij via die jaarlijkse klantenlisting ook hun totale jaaromzet doorgeven.
De verhuur van een onroerend goed is in principe vrijgesteld van btw. Bijgevolg dient over de verhuur geen btw gerekend te worden, wat ook impliceert dat er geen btw kan gerecupereerd worden op kosten die met de onroerende verhuur samenhangen zoals oprichtingskosten van het pand en eventuele kosten van onderhouds- en herstellingswerken. Gaat de verhuur echter gepaard met een pakket van diensten (bestaande uit schoonmaak, veiligheid, mobiliteit, maaltijden, entertainment, community building, enz.), dan kan er volgens de Rulingdienst sprake zijn van een aan btw onderworpen hoteldienst. De verhuurder kan dan de btw die hij zelf betaald heeft recupereren.
De Btw-Administratie zag die ruime toepassing van het begrip ‘hoteldienst’ echter niet zitten. In het wetsontwerp houdende diverse bepalingen inzake btw van 20 mei 2021 werd bepaald dat het verschaffen van gemeubelde logies in inrichtingen waar gewoonlijk onderdak wordt verschaft aan studenten, niet beschouwd zou worden als een belastbare hoteldienst en dat de verhuur van een gemeubelde studentenkamer dus zonder btw zou verlopen. De maatregel zou ingaan vanaf 1 juli 2021, maar de regering heeft die wetswijziging laten vallen nadat de Raad van State opmerkingen had gegeven.
Echter, de de minister van Financiën geeft niet af. De ministerraad van 9 juli 2021 heeft immers opnieuw zijn goedkeuring gegeven aan een nieuw voorontwerp van wet houdende diverse bepalingen inzake BTW. Daarin staat een bepaling die inrichtingen waar gewoonlijk onderdak wordt verleend aan studenten uitdrukkelijk als (belastbare) hoteldienst uitsluit met gevolg dat de verhuur van studentenkamer zonder btw verloopt waardoor er ook geen btw op kosten in verband met die verhuur kan recupereerd worden. De nieuwe regeling zou in werking treden op 1 oktober 2021, maar het blijft vooralsnog even afwachten of die wetswijziging er doorkomt.