Foutief attest kinderopvang: toch privé belastingvermindering bij overmacht
Als u uitgaven voor kinderopvang heeft gemaakt, kunt u daarvoor privé een belastingvermindering krijgen.
-
Wet tot hervorming personenbelasting: ook voor werknemers geldt vanaf 2026 een grens van 20% voor voordelen alle aard
In het kader van het regeerakkoord 2025-2029 werd de wet tot hervorming van de personenbelasting goedgekeurd. Een van de maatregelen is dat het bovenmatig toekennen van forfaitair gewaardeerde voordelen alle aard fiscaal ontmoedigd wordt.
-
Gunstregime voor auteursrechten is weer mogelijk in de IT-sector
Auteursrechtenvergoedingen zijn vergoedingen die u kan ontvangen voor de overdracht of het in licentie geven van auteursrechten (en zgn. naburige rechten), aan bv. uw vennootschap, een uitgeverij…, op werken van letterkunde of kunst, of op prestaties van uitvoerende kunstenaars.
-
Bezwaar indienen tegen uw kadastraal inkomen?
U heeft misschien gehoord dat als uw kadastraal inkomen (ki) wordt vastgelegd of herzien het kan lonen om hier bezwaar tegen aan te tekenen. Waarom tekent u beter toch niet automatisch bezwaar aan?
Per opvangdag in 2025 en per kind kunt u maximaal € 16,90 fiscaal aangeven. De belastingvermindering bedraagt 45% van de fiscaal beperkte uitgaven. Betaalt u bv. in 2025 voor een kamp van vijf dagen in totaal € 400, dan zal u voor dat kamp 5 × € 16,90 of € 84.5 kunnen inbrengen in uw privé-aangifte van 2026. Op die € 84,5 krijgt u dan een belastingvermindering van 45% of € 38,02.
Voor alle uitgaven voor kinderoppas moet de opvangvoorziening wel een verplicht model van attest gebruiken. Stelt u vast dat het attest foutief is, dan moet u aan de kinderopvang een correctie vragen. Zonder een correct opgesteld attest heeft u immers geen recht op de belastingvermindering. Komt de opvang hieraan niet tegemoet, dan kunt u zich beroepen op overmacht voor zover u dat dan kan aantonen. U moet duidelijk kunnen motiveren en staven dat het een onvoorzienbare situatie betreft die zich buiten uw wil om voordeed en die u niet zelf ongedaan kon maken, aldus de minister (Vr. en Antw., KAMER, nr. 56-002, 217).