Prijsvoordeel aankoop onroerend goed niet belastbaar als divers inkomen
Een particulier die een onroerend goed aankoopt tegen een prijs die (veel) lager ligt dan de eigenlijke marktwaarde, riskeert de fiscus tegen de borst te stoten.
-
Geregistreerd kassasysteem horeca (GKS) 2.0: tolerantieperiode opnieuw verlengd tot en met 30 juni 2026!
Voor (nieuwe) horecazaken die een GKS moeten gebruiken (omzetdrempel van € 25.000 (excl. btw) overschreden in de periode van 1 april 2026 t.e.m. 30 juni 2026) maar nog geen GKS hebben, wordt de verplichte installatie van het nieuwe geregistreerd kassasysteem: GKS 2.0 (de ‘witte kassa’) een laatste keer uitgesteld. Deze verplichting werd eerder al uitgesteld tot en met 31 maart 2026, maar de tolerantie loopt nu door tot en met 30 juni 2026.
-
Aangifte personenbelasting 2025: deze documenten moet u tijdig aanleveren aan uw accountant
Uw aangifte personenbelasting over 2025 moet uiterlijk op 15 juli 2026 via Tax-on-web worden ingediend. Heeft u een ‘complexe’ aangifte, dan dient u deze uiterlijk op 16 oktober 2026 in te dienen. Maar welke informatie en documenten moet u zeker nog aan uw accountant bezorgen?
-
Btw-klantenlisting en vrijstellingsregeling voor kleine ondernemingen: deadline verschoven van 31 maart 2026 naar 30 april 2026
Zoals eerder gecommuniceerd moeten kleine ondernemingen die onder de btw-vrijstellingsregeling vallen, voortaan een klantenlisting indienen, ook als het om een nihillisting (u heeft geen enkele klant die in de listing vermeld moet worden) gaat. Vanaf nu moeten zij via die jaarlijkse klantenlisting ook hun totale jaaromzet doorgeven.
Een particulier die een onroerend goed aankoopt tegen een prijs die (veel) lager ligt dan de eigenlijke marktwaarde, riskeert de fiscus tegen de borst te stoten. In een zaak die op 14 september 2020 voor de Nederlandstalige rechtbank van eerste aanleg te Brussel kwam, wou de fiscus dit bij de koper in de personenbelasting belasten als een zgn. divers inkomen aan 33% omdat in zijn ogen ging om een abnormaal verrichting van beheer op basis van art. 90, 1° WIB92.
De rechter is heel duidelijk. Een belasting als divers inkomen op basis van art. 90, 1° WIB92 vereist winst of baten uit toevallige of occasionele prestaties, verrichtingen of speculaties. Dit kan enkel als deze gerealiseerd zijn buiten de uitoefening van een beroepswerkzaamheid en zich afspelen buiten het normaal beheer van een privévermogen. Echter, hypothetische of toekomstige winst of baten worden niet bedoeld door art. 90,1° WIB’92. Het louter hebben van een prijsvoordeel bij een aankoop, zelfs al is er sprake van een abnormale verrichting, is bijgevolg onvoldoende, aldus de rechter in eerste aanleg.