Hoe wordt u belast op uw tweede verblijf in de personenbelasting?
Een tweede verblijf wordt belast tegen de progressieve tarieven van de personenbelasting. De manier waarop het belastbaar inkomen wordt berekend, hangt af van het gebruik van de woning.
-
Fiscaal co-ouderschap of onderhoudsgeld aftrekken: wat is het voordeligst?
Bent u gescheiden, verblijven uw kinderen beurtelings bij beide ouders en betaalt u onderhoudsgeld? Dan kunt u in uw aangifte personenbelasting in principe kiezen tussen fiscaal co-ouderschap en de aftrek van onderhoudsuitkeringen.
-
Onroerende voorheffing in Vlaanderen met 2,47% gestegen voor aanslagjaar 2026
De onroerende voorheffing is een jaarlijkse belasting op onroerende goederen die wordt berekend op basis van het kadastraal inkomen.
-
6% btw bij sloop-en heropbouw wanneer u de woning verhuurt aan uzelf als bedrijfsleider?
Een vennootschap kan onder bepaalde voorwaarden genieten van het verlaagde btw-tarief van 6% voor de afbraak en heropbouw van een woning. Een van die voorwaarden is dat de woning nadien gedurende minstens 15 jaar wordt verhuurd aan een natuurlijke persoon die er zijn hoofdverblijfplaats vestigt. Maar geldt dit gunsttarief ook wanneer de vennootschap verhuurt aan haar eigen bedrijfsleider?
Gebruikt u het tweede verblijf zelf of verhuurt u het aan een particulier die de woning uitsluitend privé gebruikt? Dan wordt u niet belast op de werkelijk ontvangen huurinkomsten. De fiscus houdt in dat geval rekening met het geïndexeerde kadastraal inkomen (KI), verhoogd met 40%. Voor 2026 wordt het KI geïndexeerd met een factor van 2,3000. Dit bedrag wordt samen met uw andere inkomsten belast volgens de progressieve tarieven van de personenbelasting.
Verhuurt u uw tweede verblijf aan iemand die het professioneel gebruikt, dan wordt u wel belast op de werkelijk ontvangen huur. Op die huurinkomsten mag u een forfaitaire kostenaftrek van 40% toepassen. Die aftrek is wel beperkt tot 2/3de van het gerevaloriseerde kadastraal inkomen (2026: KI x 5,75). De belastbare nettohuur mag bovendien nooit lager zijn dan het geïndexeerde kadastraal inkomen verhoogd met 40%, het bedrag dat ook geldt bij privégebruik of privéverhuur. Dat bedrag wordt samen met uw andere inkomsten belast volgens de progressieve tarieven van de personenbelasting.
Sinds inkomstenjaar 2025 kunt u de interesten van een lening voor een tweede verblijf niet langer aftrekken van het belastbaar onroerend inkomen. Die afschaffing geldt voor alle leningen, ook voor leningen die al vóór 2026 werden afgesloten. Daardoor zijn de vroegere codes 1146/2146 voor de interestaftrek van de betaalde interesten sinds aanslagjaar 2026 verdwenen uit de belastingaangifte.