Hoeveel mag uw kind bijverdienen als jobstudent in 2024?
Om fiscaal ten laste te zijn, mag uw kind in 2024 niet meer dan € 7.290 aan zgn. nettobestaansmiddelen ontvangen.
-
Wet tot hervorming personenbelasting: ook voor werknemers geldt vanaf 2026 een grens van 20% voor voordelen alle aard
In het kader van het regeerakkoord 2025-2029 werd de wet tot hervorming van de personenbelasting goedgekeurd. Een van de maatregelen is dat het bovenmatig toekennen van forfaitair gewaardeerde voordelen alle aard fiscaal ontmoedigd wordt.
-
Gunstregime voor auteursrechten is weer mogelijk in de IT-sector
Auteursrechtenvergoedingen zijn vergoedingen die u kan ontvangen voor de overdracht of het in licentie geven van auteursrechten (en zgn. naburige rechten), aan bv. uw vennootschap, een uitgeverij…, op werken van letterkunde of kunst, of op prestaties van uitvoerende kunstenaars.
-
Bezwaar indienen tegen uw kadastraal inkomen?
U heeft misschien gehoord dat als uw kadastraal inkomen (ki) wordt vastgelegd of herzien het kan lonen om hier bezwaar tegen aan te tekenen. Waarom tekent u beter toch niet automatisch bezwaar aan?
Die maximumgrens dekt alle inkomsten van uw kind, dus beroepsinkomsten, roerende en onroerende inkomsten én onderhoudsuitkeringen.
Sommige inkomsten zijn echter vrijgesteld. Zo tellen vooreerst bij de vaststelling van de nettobestaansmiddelen de inkomsten uit een studentenjob tot € 3.310 niet mee. De inkomsten uit studentenarbeid boven de € 3.310 komen voor 80% in aanmerking (20%, met een minimum van € 550, zijn forfaitaire kosten). Ook onderhoudsuitkeringen tot € 3.980 tellen niet mee als nettobestaansmiddelen van uw kind. Het gedeelte boven die grens telt voor 80% mee als een bestaansmiddel (ook hier is er een kostenforfait van in principe 20%).
We verduidelijken met een voorbeeld. De bruto belastbare inkomsten (na aftrek RSZ) mag verminderd worden met het vrijgestelde inkomen van € 3.310 en met 20%, want de fiscus houdt bij de berekening ‘kind ten laste’ automatisch rekening met een forfaitaire beroepskost van 20% (met een minimum van € 550 in 2024). Dus omgezet in nettobestaansmiddelen gaat het om € 12.422,50 bruto belastbaar (dus na aftrek RSZ) – € 3.310 (vrijstelling jobstudent) = € 9.112,50 (– 20% is € 1.822,50 met minstens € 550) = € 7.290 nettobestaansmiddelen.