In 2026 als bedrijfsleider iets meer huur vragen aan uw vennootschap
Verhuurt u als bedrijfsleider een gebouw aan uw eigen vennootschap dan worden de ontvangen huurgelden die onder een bepaalde grens blijven bij u privé belast als onroerend inkomen. De huur die boven die grens gaat, wordt bij u belast als bedrijfsleidersbezoldiging (beroepsinkomen).
-
De lokale sportvereniging fiscaal vriendelijk sponsoren
Wilt u een lokale sportvereniging of andere vereniging financieel steunen? Dan kan u dat vaak op een fiscaal interessante manier doen via sponsoring. Betaalt u namelijk een bedrag in ruil voor publiciteit voor uw zaak, dan zijn die kosten in principe volledig fiscaal aftrekbaar als publiciteitskosten.
-
Gezinswoning aankopen in Vlaanderen aan 2% registratierechten, terwijl u reeds een ander pand bezit?
Koopt u in Vlaanderen uw enige gezinswoning, dan betaalt u in principe slechts 2% registratierechten in plaats van 12%. Daarvoor mag u, alleen of samen met de andere kopers, nog niet voor 100% volle eigenaar zijn van een andere woning of bouwgrond, in België of in het buitenland. Is dat wel het geval, dan geldt het gewone tarief van 12%.
-
De handgift en de bankgift of onrechtstreekse schenking
Hieronder bespreken we twee bekende technieken waarmee u uw vermogen en uw nalatenschap kunt optimaliseren: de handgift en de bankgift of onrechtstreekse schenking.
Die grens wordt bepaald op basis van het niet‑geïndexeerde kadastraal inkomen (KI) van het gebouw: niet‑geïndexeerd KI × 5/3 × revalorisatiecoëfficiënt. Blijft u met de door uw vennootschap betaalde huur onder dit bedrag, dan wordt alles bij u beschouwd als onroerend inkomen. Overschrijdt u deze grens, dan wordt het gedeelte boven die grens geherkwalificeerd naar een zwaarder belast beroepsinkomen.
De revalorisatiecoëfficiënt is dus essentieel om te berekenen hoeveel fiscaal interessante huur u aan uw vennootschap kunt vragen. Voor inkomstenjaar 2026 werd deze coëfficiënt verhoogd van 5,63 naar 5,75, wat neerkomt op een stijging van 2,1% t.o.v. 2025.Voor 2026 bedraagt het grensbedrag: niet‑geïndexeerd kadastraal inkomen (KI) × 5/3 × 5,75.
Herkwalificatie van onroerend inkomen naar beroepsinkomen vindt m.a.w. plaats zodra het huurinkomen hoger is dan 9,58 keer het (ongeïndexeerde) kadastraal inkomen (want 5,75 x 5/3 is 9,58) in plaats van 9,38 voor 2025.