In 2026 als bedrijfsleider iets meer huur vragen aan uw vennootschap
Verhuurt u als bedrijfsleider een gebouw aan uw eigen vennootschap dan worden de ontvangen huurgelden die onder een bepaalde grens blijven bij u privé belast als onroerend inkomen. De huur die boven die grens gaat, wordt bij u belast als bedrijfsleidersbezoldiging (beroepsinkomen).
-
Meerwaardebelasting: hoe wordt er bepaald of u een belastbare meerwaarde heeft gerealiseerd?
Sinds 1 januari 2026 is er, zoals eerder gecommuniceerd, een belasting op meerwaarden op financiële vaste activa in uw privévermogen, zoals aandelen. Belegt u als particulier op een gewone, niet beroepsmatige manier, dan wordt de meerwaarde in principe belast aan 10%. Hoe wordt dan bekeken of u effectief een belastbare meerwaarde heeft gerealiseerd?
-
Btw-vrijstellingsregeling voor kleine ondernemingen: omzetdrempel € 25.000
Is uw jaaromzet exclusief btw niet hoger dan € 25.000, dan kan u in principe kiezen voor de vrijstellingsregeling voor kleine ondernemingen. U moet dan geen btw aanrekenen op facturen aan uw klanten en dus ook geen periodieke btw-aangiftes meer indienen.
-
Tweedehandsauto aankopen met uw vennootschap
Zoals u wellicht weet, zijn de autokosten van een auto die niet 100% emissievrij is, zoals een hybride auto of een auto met een verbrandingsmotor, die u in 2026 met uw vennootschap aankoopt, niet langer aftrekbaar voor uw vennootschap. Maar wat als u een tweedehandsauto aankoopt die al vóór 2026 in gebruik was?
Die grens wordt bepaald op basis van het niet‑geïndexeerde kadastraal inkomen (KI) van het gebouw: niet‑geïndexeerd KI × 5/3 × revalorisatiecoëfficiënt. Blijft u met de door uw vennootschap betaalde huur onder dit bedrag, dan wordt alles bij u beschouwd als onroerend inkomen. Overschrijdt u deze grens, dan wordt het gedeelte boven die grens geherkwalificeerd naar een zwaarder belast beroepsinkomen.
De revalorisatiecoëfficiënt is dus essentieel om te berekenen hoeveel fiscaal interessante huur u aan uw vennootschap kunt vragen. Voor inkomstenjaar 2026 werd deze coëfficiënt verhoogd van 5,63 naar 5,75, wat neerkomt op een stijging van 2,1% t.o.v. 2025.Voor 2026 bedraagt het grensbedrag: niet‑geïndexeerd kadastraal inkomen (KI) × 5/3 × 5,75.
Herkwalificatie van onroerend inkomen naar beroepsinkomen vindt m.a.w. plaats zodra het huurinkomen hoger is dan 9,58 keer het (ongeïndexeerde) kadastraal inkomen (want 5,75 x 5/3 is 9,58) in plaats van 9,38 voor 2025.