Programmawet van 18 juli 2025: geen belastingverhoging meer bij eerste overtreding te goeder trouw
Met de programmawet, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 29 juli 2025, verdwijnt de belastingverhoging voor wie te goeder trouw een eerste fout maakt in de belastingaangifte. Deze wijziging geldt voor aanslagen ingekohierd (officieel in het belastingregister opgenomen) vanaf 29 juli 2025.
-
Fiscus stuurt sommige belastingplichtigen vóór de vervaldag een herinnering om hun belasting te betalen
Sommige belastingplichtigen krijgen vóór de uiterste betaaldatum van hun belasting een bericht van de fiscus met als titel ‘Opgelet: uw vervaldag nadert’. Met dat bericht wil de fiscus belastingplichtigen eraan herinneren om hun belasting tijdig te betalen.
-
Uw vennootschap laten voorafbetalen tegen 21 december 2026?
Een voorafbetaling, eigenlijk een voorschot op de uiteindelijk verschuldigde vennootschapsbelasting die uw vennootschap moet betalen, is niet verplicht.
-
Werknemer en forfaitaire onkostenvergoeding
Een onkostenvergoeding is in principe een terugbetaling door de werkgever van uitgaven die een werknemer gedaan heeft, terwijl de werkgever ze in feite had moeten doen.
Tot nu toe kon de fiscus een boete van minstens 10% opleggen wanneer een aangifte niet of laattijdig werd ingediend, of als die onvolledig of onjuist was.
Voortaan geldt echter dat bij een eerste overtreding te goeder trouw geen belastingverhoging meer mag worden opgelegd. De goede trouw van de belastingplichtige wordt vermoed bij een eerste overtreding. De belastingadministratie zal dus moeten aantonen dat er of geen sprake is van goede trouw of van de intentie tot belastingontduiking om toch een boete te kunnen opleggen.
Een praktisch voorbeeld: stel dat een belastingplichtige het beroepsmatige gebruik van zijn woning licht verkeerd inschat op 30%, terwijl dit in werkelijkheid 20% blijkt te zijn, dan wordt deze vergissing beschouwd als een overtreding te goeder trouw, waarvoor geen belastingverhoging mag toegepast worden. Stel dat de belastingplichtige het beroepsmatige gebruik flagrant verkeerd inschat op 90%, terwijl het in werkelijkheid slechts 20% bedraagt, dan kan de fiscus wel kwade trouw aantonen en een belastingverhoging toepassen.