Verlaagd vennootschapstarief: minimumloon niet evenredig verlagen bij een verkort boekjaar
Vennootschappen kunnen onder bepaalde voorwaarden genieten van een verlaagd belastingtarief van 20% (in plaats van 25%) op de eerste € 100.000 winst. Een belangrijke voorwaarde is dat minstens één bedrijfsleider een minimumloon ontvangt van € 50.000 (in principe vanaf boekjaar 2026).
-
Hogere thuiswerkvergoeding sinds 1 september 2026!
Werknemers die regelmatig thuiswerken, kunnen een forfaitaire « thuiswerkvergoeding » ontvangen.
-
Vergoeding voor verplaatsingen in België: nieuw bedrag sinds 1 september 2026
Een bedrijfsleider kan een vergoeding ontvangen voor beroepsmatige verplaatsingen in België.
-
Aangifte personenbelasting met specifieke inkomsten: uiterlijk indienen tegen 16 oktober 2026!
De uiterste indieningstermijn voor de aangifte in de personenbelasting (PB) via Tax-on-web, wanneer specifieke inkomsten moeten aangegeven worden, is vastgesteld op 16 oktober 2026.
Ook wanneer een vennootschap een verkort boekjaar heeft, met andere woorden een boekjaar van minder dan 12 maanden, blijft die loonvoorwaarde ongewijzigd. Het vereiste minimumloon van € 50.000 mag dus niet worden verminderd in verhouding tot de duur van het boekjaar.
Heeft een boekjaar bijvoorbeeld slechts zeven maanden geduurd, dan volstaat een loon van € 29.167 niet. Om het verlaagde tarief te behouden, moet in principe nog altijd een bezoldiging van € 50.000 worden toegekend aan minstens één bedrijfsleider-natuurlijk persoon.
Er geldt wel een uitzondering wanneer de belastbare basis lager ligt dan € 50.000. In dat geval volstaat een loon dat gelijk is aan die belastbare basis.
Startende vennootschappen krijgen bovendien wat extra tijd: de loonvoorwaarde is namelijk pas van toepassing vanaf het vijfde boekjaar na de oprichting. De eerste vier boekjaren kan een vennootschap dus genieten van het verlaagde tarief zonder te voldoen aan deze voorwaarde.