De handgift en de bankgift of onrechtstreekse schenking
Hieronder bespreken we twee bekende technieken waarmee u uw vermogen en uw nalatenschap kunt optimaliseren: de handgift en de bankgift of onrechtstreekse schenking.
-
De lokale sportvereniging fiscaal vriendelijk sponsoren
Wilt u een lokale sportvereniging of andere vereniging financieel steunen? Dan kan u dat vaak op een fiscaal interessante manier doen via sponsoring. Betaalt u namelijk een bedrag in ruil voor publiciteit voor uw zaak, dan zijn die kosten in principe volledig fiscaal aftrekbaar als publiciteitskosten.
-
Gezinswoning aankopen in Vlaanderen aan 2% registratierechten, terwijl u reeds een ander pand bezit?
Koopt u in Vlaanderen uw enige gezinswoning, dan betaalt u in principe slechts 2% registratierechten in plaats van 12%. Daarvoor mag u, alleen of samen met de andere kopers, nog niet voor 100% volle eigenaar zijn van een andere woning of bouwgrond, in België of in het buitenland. Is dat wel het geval, dan geldt het gewone tarief van 12%.
-
Nieuwe formulieren aangifte roerende voorheffing
Keert uw vennootschap een dividend uit of betaalt zij u andere inkomsten waarop roerende voorheffing moet ingehouden worden? Dan moet daarvoor een aangifte in de roerende voorheffing worden ingediend en moet de ingehouden belasting worden doorgestort aan de fiscus.
1. De handgift
1.1. Wat is het?
Een handgift is een schenking waarbij de schenker zgn. roerende goederen schenkt aan de begiftigde (de krijger) via materiële overhandiging. Door deze materiële overhandiging wordt de totstandkoming van de schenking gerealiseerd (Cass., 02.02.1961, Pas. 1961, I, 587).
Zoals de naam zelf aangeeft, wordt de gift (bv. een juweel) van hand tot hand gegeven. Daarom kunnen enkel lichamelijk roerende goederen (bv. juwelen of een schilderij) of onlichamelijk roerende goederen waarvan het recht geïncorporeerd is in de titel (bv. geld of buitenlandse aandelen aan toonder) het voorwerp uitmaken van een handgift. Dit zijn alle goederen die door een manuele overdracht overgedragen kunnen worden. Typische voorbeelden hiervan zijn geld, kunstwerken, juwelen, enz. Al deze goederen zijn materieel tastbaar en zijn als dusdanig overdraagbaar van hand tot hand.
Er zijn evenwel ook nog andere, misschien minder voor de hand liggende voorbeelden denkbaar. Zo komt bv. ook een personenwagen in aanmerking voor een handgift, net zoals een zwaar meubelstuk. Hoewel beide soorten goederen niet door één persoon gedragen kunnen worden, komen ze toch in aanmerking voor een handgift omdat ze roerend én lichamelijk zijn. In principe kunnen ze dus van hand tot hand overgedragen worden, alleen zijn ze wat te zwaar om dit ook letterlijk zo te doen. Bij een personenwagen wordt er aangenomen dat de handgift voltrokken is wanneer de schenker de sleutel van de wagen overhandigt aan de begiftigde. Bij een zware kast geldt er hetzelfde.
Voor het uitvoeren van een handgift mag zelfs een derde persoon ingeschakeld worden die belast is met het fysiek afgeven en/of aannemen van het geschonken voorwerp (rb. Luik, 13.09.1979).
1.2. Hoe doet u het correct?
Aangezien de handgift vereist dat de schenker iets overhandigt aan de begiftigde, moeten beide partijen aanwezig zijn, alsook het goed dat men wil schenken. Is dit niet zo, dan is er geen sprake van een handgift. Dit is de reden waarom iemand die van plan is om een belangrijke som geld te schenken dit het best voorafgaandelijk aan zijn bankier vraagt.
Tegenwoordig hebben bankiers niet veel cash liggen in hun kantoor. Dit is namelijk niet alleen duur, maar bovendien ook gevaarlijk. Enkel als een cliënt dit uitdrukkelijk vraagt, zal een bankier nog – tijdelijk – veel kasgeld in voorraad hebben. Steeds vaker worden daar echter kosten voor aangerekend of wordt het zelfs gewoonweg geweigerd.
In de praktijk blijkt een handgift soms ‘opgezet spel’ te zijn. Vader doet bv. alsof hij een duur kunstwerk schenkt aan een van de kinderen, maar laat het daarna gewoon in zijn woonkamer hangen. Er kan immers geen sprake zijn van een handgift wanneer de ‘traditio’ (overdracht) van die aard is dat de schenker op elk ogenblik het voorwerp van de schenking opnieuw in zijn bezit kan krijgen (Luik, 17.12.1991). Een handgift moet onherroepelijk zijn op straffe van absolute nietigheid. In dergelijke gevallen riskeert men dan ook problemen met de fiscus en/of met de andere erfgenamen.
Zorg voor een bewijs
Strikt juridisch gezien is er bij een handgift geen schriftelijk bewijs vereist. Er hoeven juridisch gezien immers geen vormvereisten nageleefd te worden en bovendien is het de fiscus die moet bewijzen dat de gift binnen de vijf jaar vóór het overlijden gebeurde om de gift alsnog te onderwerpen aan de successierechten.
Uiteraard is het een echte aanrader om wel een schriftelijk bewijs op te maken van de handgift. Op die manier vermijdt u immers later elke discussie met de fiscus. Een schriftelijk bewijs is dus nuttig om aan te tonen dat de schenking plaatsvond meer dan vijf jaar vóór het overlijden van de schenker. Wat weleens vergeten wordt, is dat een dergelijk geschrift ook heel nuttig is als er bepaalde voorwaarden gekoppeld worden aan de handgift, bv. een last. Ook is het nuttig naar de andere vermoedelijke erfgenamen toe zodat het duidelijk is dat het om een gift gaat en bv. niet om een lening voor de bouw van een woning. Redenen genoeg dus om altijd een schriftelijk bewijs op te maken.
Aangetekende brieven of een bewijsdocument
Meestal worden de klassieke aangetekende brieven gebruikt om een bewijs te creëren van de handgift, maar het kan bv. ook via een gezamenlijk document (een zgn. pacte adjoint). Wie raad vraagt aan meer dan één bankier, zal vaststellen dat elke bank zijn eigen methode heeft, waarbij de zaken soms veel ingewikkelder gemaakt worden dan nodig is. Volgens sommige bankiers moet bv. de eerste aangetekende brief (van de schenker) immers altijd verstuurd worden vóór de handgift en zeker niet erna. Volgens andere bankiers moeten beide aangetekende brieven absoluut ná de handgift zelf verstuurd worden.
Bij een handgift geeft de schenker bv. een bepaalde som of een kunstwerk aan de begiftigde. Het meest logische is dat de schenker een aangetekende ‘aankondigingsbrief’ stuurt naar de begiftigde en dit dus vóór de schenking. Het is echter ook perfect mogelijk dat de schenker onmiddellijk na de handgift een aangetekend schrijven stuurt. Erna kan dus ook nog, al zal men de inhoud van de aangetekende brief dan wel wat moeten veranderen. De schenking is op dat moment immers al gebeurd.
Na de realisatie van de handgift stuurt de begiftigde vervolgens een aangetekende ‘bedankbrief’ naar de schenker, ná de schenking dus. U kunt, zeker bij een handgift van geld, perfect bewijzen wanneer de schenking plaatsvond aan de hand van de rekeninguittreksels (de afhaling en de storting) en de aangetekende brieven.
De aangetekende brieven hoeven juridisch gezien niet gesloten bewaard te worden. Wie ooit een handgift deed en de brief opende, hoeft zich dus geen zorgen te maken, maar uiteraard kan dit geen kwaad en bovendien is het zelfs aan te raden om eventuele discussies over de inhoud te vermijden. Ook het zetten van een handtekening op de sluiting van de enveloppe, is geen juridische vereiste, maar het mag uiteraard.
Aangetekend én via gewone post?
Soms wordt er aangeraden om de brieven zowel aangetekend als per gewone post te versturen. Op alle brieven staat dan ‘aangetekend en per gewone post’. Het spreekt voor zich dat het juridisch gezien zeker geen ‘must’ is om de brieven aangetekend én per gewone post te versturen, maar toch is dit een aanrader omdat het in de praktijk heel handig blijkt te zijn. Stel bv. dat u enkele jaren na de handgift niet meer precies weet welke voorwaarden eraan verbonden waren. Aangezien het aan te raden is om de aangetekende brieven gesloten te laten, is het dan wel handig dat u de inhoud van de brief nog eens kunt nakijken in de ‘gewone’, geopende brief.
Eén document (een zgn. pacte adjoint) is iets handiger
Het sturen van deze twee klassieke aangetekende brieven is een perfect sluitende manier om eventueel de handgift samen met de rekeninguittreksels te bewijzen, maar het vergt natuurlijk wel wat organisatie en een juiste timing. Vandaar dat deze twee aangetekende brieven steeds vaker vervangen worden door één gezamenlijk document.
Dit is de eenvoudigste manier om een bewijs te creëren en het is ook gemakkelijk omdat u slechts één document hoeft mee te nemen voor de registratie van de schenking bij een plotse ziekte van de schenker. Het volstaat immers dat de schenker en de begiftigde samen ná de handgift het document ondertekenen.
Uiteraard is het wel vereist – maar dat geldt ook voor de aangetekende brieven – dat de juiste formulering gebruikt wordt in het document. Laat u daarom steeds bijstaan door een specialist (een vermogensplanner, een gespecialiseerde advocaat, een jurist, enz.) of laat het model dat u gebruikt tenminste juridisch gezien checken om latere verrassingen te vermijden.
Kortom, een bewijsdocument biedt een heleboel voordelen in vergelijking met de twee klassieke aangetekende brieven. Het is handiger, sneller en discreter en het verlaagt de kans op fouten. Zorg er wel voor dat u de datum kunt bewijzen door bv. het bewijsdocument later aangetekend te versturen naar de begunstigde (zie hieronder).
Het bewijs later opmaken
In de praktijk gebeurt het vaak dat bv. ouders gewoon geld geven aan hun kinderen zonder een bewijs op te maken. Is het dan mogelijk om die aangetekende brieven bv. zes maanden later of bv. zelfs twee jaar later alsnog te versturen of een bewijsdocument op te maken? Ja, dat kan inderdaad nog, al is het natuurlijk geloofwaardiger als er niet te veel tijd zit tussen de gift en het bewijsdocument. Bij de aangetekende brieven is het wel belangrijk dat dit in de juiste volgorde gebeurt. Eerst moet de schenker dus een aangetekende brief sturen en daarna de begiftigde. De kans op een fout wordt hier dus iets groter. Uiteraard is het eenvoudiger om een gezamenlijk document op te maken.
Bijkomende bewijzen
Uiteraard kan het geen kwaad als u nog bijkomende bewijzen heeft. Denken we bv. maar aan de rekeninguittreksels van de bank waaruit blijkt dat precies het geschonken bedrag eerst van de rekening van de schenker gehaald werd en op dezelfde dag op de rekening van de begunstigde geplaatst werd. Of denken we maar aan de handgift van een kunstwerk of een wagen waarbij de krijger die onmiddellijk op zijn naam laat verzekeren.
Mag het bewijsdocument (pacte adjoint) digitaal ondertekend worden?
Het bewijsdocument van de handgift kan ook digitaal opgesteld worden en de pacte adjoint kan ook digitaal ondertekend worden door de schenker en de begiftigde(n). U kiest het best voor een ‘gekwalificeerde elektronische handtekening’, want die heeft hetzelfde rechtsgevolg als een handgeschreven handtekening. De bekendste toepassingen ervan zijn ongetwijfeld itsme en de ondertekening met eID. Het is wel belangrijk dat een gekwalificeerde elektronische handtekening ook een elektronische tijdstempel genereert, waardoor op die manier een ‘semivaste’ datum gecreëerd wordt. Het versturen van de pacte adjoint via een aangetekende brief wordt dan overbodig.
Intentiebrief bij modaliteiten in pacte adjoint?
Intentiebrief
Als er allerlei voorwaarden in de pacte adjoint van de handgift gestipuleerd worden (bv. beding van terugkeer, vervreemdingsverbod, verbod inbreng in huwgemeenschap, rentelast, enz.) wordt in de rechtsleer veiligheidshalve steeds vaker aangeraden een voorafgaande intentiebrief te sturen, uitgaande van de schenker en gericht aan de begiftigde, waaruit de bedoeling om te schenken blijkt en de eventuele voorwaarden en modaliteiten waaronder de schenker bereid is te schenken. Deze brief wordt opgemaakt en verstuurd op een datum VOOR de handgift. Zo is duidelijk dat de voorwaarden vooraf overeengekomen zijn en niet achteraf. Deze intentiebrief stuurt u het best zo op zodat u de datum kunt bewijzen, dus aangetekend, met poststempel of op een andere manier zodat u de (semi)vaste datum kunt bewijzen. Deze intentiebrief lijkt ons vooral aangewezen om discussies tussen schenker en begiftigde te vermijden over de voorwaarden. Fiscaal gezien is het wel aan te raden, doch niet strikt noodzakelijk volgens ons (le fisc n’est pas juge des nullités).
Intentie-e-mail in de praktijk
Om praktische redenen wordt in de praktijk steeds vaker vooraf een ’intentie-e-mail’ verstuurd door de schenker, wat eenvoudiger is dan een brief. De e-mail mag trouwens ook verstuurd worden door bv. uw adviseur (accountant, estate planner of private banker) die het document opmaakt. In die e-mail staat dan dat er een bankgift zal gebeuren en dat daar bepaalde voorwaarden aan verbonden zullen zijn die vervolgens opgesomd worden. De toekomstige begiftigde antwoordt dan via een e-mail dat hij akkoord gaat met die voorwaarden als hij de schenking zou krijgen. Zo bent u er zeker van dat de begiftigde alle voorwaarden vooraf kende.
Diverse modellen
Er zijn meerdere modellen van de handgift waaruit u kan kiezen.
1.3. Wat zijn de voor- en de nadelen?
De handgift kenmerkt zich door zijn eenvoud en door zijn goedkope karakter. Door de simpele overdracht tussen twee personen is de handgift al voltrokken (Cass., 02.02.1961, Pas. 1961, I, 587), maar precies daarin schuilt meteen ook het grootste gevaar, namelijk dat de partijen niet voor de nodige bewijzen zorgen. Nochtans zijn die bewijzen heel belangrijk. Niet alleen is het soms aangewezen om aan de fiscus te kunnen aantonen dat de schenking wel degelijk meer dan vijf jaar vóór het overlijden van de schenker gebeurd is, maar bovendien kunnen bijkomende bewijzen ook nodig zijn als de schenking gepaard gaat met bijkomende voorwaarden.
1.4. Extra tips
Snel registreren binnen de vijf jaar
Een belangrijk nadeel van de handgift is dat de schenker nog minstens vijf jaar in leven moet blijven (art. 7 W.Succ. en art. 2.7.1.0.5., §1 VCF), te rekenen vanaf de handgift zelf en dus niet vanaf bv. de datum van het bewijsdocument of de aangetekende brieven.
Als de schenker (bv. de vader) plots ziek wordt na de schenking en de kans reëel is dat de fameuze vijf jaar niet gehaald zal worden, kan het kind de handgift laten registreren op een kantoor Rechtszekerheid (het vroegere registratiekantoor). Het kind betaalt dan het vlakke tarief van 3% (3,3% in Wallonië), maar daarmee zijn alle belastingen betaald.
Sommigen gebruiken deze techniek van het registreren van een handgift tegen het vlakke tarief trouwens ook om het ereloon van de notaris uit te sparen.
Let op! De FOD Financiën blijft bevoegd voor de registratie van akten, zodat het bewijsdocument nog altijd bij de federale registratiekantoren aangeboden moet worden. Sinds 2015 bezorgt de FOD Financiën echter aan Vlabel de akten of bewijsdocumenten die onderworpen zijn aan de Vlaamse registratierechten. Vlabel berekent dan de verschuldigde registratierechten en stuurt een uitnodiging tot betaling naar de belastingplichtige.
Het kantoor Rechtszekerheid is enkel open op werkdagen van 8 uur tot 12 uur. Maar sinds 1 mei 2022 kunt u in het hele land een handgift ook digitaal registreren via MyMinfin, het onlineplatform van de FOD Financiën. U moet dan gewoon alle schenkingsdocumenten (ondertekend bewijsdocument of aangetekende brieven en rekeninguittreksels) in één pdf-document bundelen en online aan de fiscus bezorgen. Voor meer informatie, zie https://financien.belgium.be/nl/faq/hoe-een-roerende-schenking-laten-registreren#q1of. Deze elektronische manier van werken is nu de regel geworden in de drie gewesten. De papieren aanbieding kan nog altijd voor privépersonen, maar moet dan wel gebeuren door het document via de post op te sturen naar het adres dat de FOD Financiën op zijn website meegedeeld heeft (vr. & antw., Kamer, 2024-25, nr. 56-15, p. 187).
Let wel, in het Waals en het Brussels Hoofdstedelijk gewest is uw handgift nog altijd pas ‘geregistreerd’ na de effectieve betaling en wordt er (ook in Vlaanderen) nog altijd enkel tijdens de openingsuren geregistreerd.
Wordt de schenker dus vrijdagmiddag zwaar ziek vóór een (verlengd) weekend, dan moet u wachten tot de volgende werkdag en telt ook de elektronische registratie pas vanaf de volgende werkdag. In dergelijke situaties is er dan toch nog een oplossing. In de drie gewesten (sinds kort ook opnieuw in Vlaanderen) is het voldoende dat u naar een Belgische notaris stapt. Het volstaat immers dat de schenkingsakte in de aanwezigheid van de notaris getekend is, ook al wordt de schenkbelasting pas later betaald. De schenkbelasting is dan immers verworven voor de fiscus en dat is voldoende.
Discreet
De handgift is ook de techniek waarmee men in alle anonimiteit een schenking kan doen. In principe hoeft niemand buiten de schenker en de begiftigde ervan op de hoogte te zijn. Zoals gezegd, gebeurt de handgift immers gewoon door een materiële overhandiging tussen twee partijen.
Modaliteiten
De begeleidende aangetekende brieven of het bewijsdocument bieden ook het voordeel dat u bepaalde voorwaarden kunt verbinden aan de schenking (die dan aanvaard worden door de begunstigde in zijn of haar antwoord). Zo kunt u bv. een bepaalde ‘last’ voorzien. U schenkt bv. € 150.000 aan uw kind, met als last dat hij of zij maandelijks een bepaald bedrag (bv. € 500) betaalt aan u.
U kunt ook aangeven in uw brief of de schenking al dan niet ‘buiten erfdeel’ gebeurt. Stel, u heeft twee kinderen en u schenkt € 25.000 aan één kind. Gebeurt dit zgn. buiten erfdeel, dan hoeft dit bedrag in principe niet in rekening gebracht te worden op het moment waarop uw nalatenschap verdeeld wordt (tenzij u meer gegeven zou hebben dan het zgn. beschikbare deel).
Is de schenking echter een zgn. voorschot op erfdeel, dan zal men er achteraf wel rekening mee moeten houden. Zet u niets in de brief, dan wordt de schenking geacht een voorschot te zijn op de erfenis.
Omschrijf duidelijk wat u schenkt
Omschrijf duidelijk wat u wilt schenken of al geschonken heeft. Maak eventueel foto’s van de geschonken goederen en voeg ze toe als bijlage bij het bewijsdocument.
1.5. Wanneer is dit een goede strategie?
Een handgift is in principe aangewezen bij zowat elke schenking van lichamelijk roerende goederen, zoals juwelen of onlichamelijk roerende goederen waarvan het recht geïncorporeerd is in een titel (bv. buitenlandse effecten aan toonder).
Er hoeven immers geen schenkingsrechten betaald te worden en later ook geen successierechten als de schenker nog minstens vijf jaar na de schenking in leven blijft (art. 7 W.Succ. en art. 2.7.1.0.5., §1 VCF). Omwille van het bewijs (de overschrijving) is het wel aan te raden om toch de voorkeur te geven aan de bankgift in plaats van de handgift bij het schenken van cash.
1.6. Hoeveel kost het?
Precies door het eenvoudige karakter van de handgift is deze techniek van schenken in de regel bijna kosteloos. Een fysieke overdracht van goederen tussen twee personen kost immers niets en de kosten van de twee aangetekende brieven die de handgift het best begeleiden, zijn uiteraard te verwaarlozen.
In de praktijk moeten we vaststellen dat er wel kosten mee gepaard kunnen gaan wanneer de partijen nog bijkomende bewijzen willen. Een handgift van een kunstwerk kost uiteraard niets, behalve de twee aangetekende brieven, maar om een echt sluitend bewijs te hebben, komen de partijen overeen dat de begiftigde de kunstwerken zal verzekeren op zijn of haar naam. Daar beginnen dan uiteraard de kosten.
1.7. En de antimisbruikbepaling?
De antimisbruikbepaling is op zich niet van toepassing. De handgift staat nl. uitdrukkelijk vermeld op de zgn. federale en Vlaamse, witte lijst.
2. De bankgift (onrechtstreekse schenking)
2.1. Wat is het?
Stel dat u bepaalde roerende goederen (effecten, kunstwerken, geld, enz.) wilt schenken aan uw kinderen. U kunt dit dan in principe zo organiseren dat er geen schenkingsrechten betaald hoeven te worden. Als u dan ook nog eens vijf jaar in leven blijft na de schenking, zullen uw kinderen ook geen successierechten hoeven te betalen.
In het vorige hoofdstuk hebben we al de meest ‘klassieke’ manier uiteengezet om zo’n schenking te organiseren: de handgift. Als u via deze weg geld wilt schenken aan uw kinderen, dan moet u dat eigenlijk eerst van uw rekening halen en dit op de afgesproken dag overhandigen aan uw kinderen, waarna uw kinderen het geld op hun rekening kunnen zetten. Via de bankgift (die een onrechtstreekse schenking is), waarover we het in dit hoofdstuk dus zullen hebben, kunt u echter sneller te werk gaan.
We spreken van een ‘onrechtstreekse schenking’ telkens als de schenking gerealiseerd wordt aan de hand van een ‘neutrale verrichting’, d.w.z. aan de hand van een rechtshandeling waaruit eigenlijk op zich niet blijkt dat het om een schenking gaat. Dat kan bv. een bankoverschrijving zijn (Brussel, 07.11.1997 en Antwerpen, 13.11.1999). Vandaar dat men ook spreekt over de ‘bankgift’. Uit de overschrijving zelf blijkt niet dat het om een schenking gaat. Men kan immers een overschrijving doen om verschillende redenen: de betaling van een aankoop, een lening, enz. Het hof van beroep te Gent (Gent, 23.01.2020) definieert de onrechtstreekse schenking als volgt: “Een onrechtstreekse schenking is in essentie een schenking die, buiten alle veinzing om, in de vorm van een andere rechtshandeling gebeurt, bv. een overschrijving van bankrekening naar bankrekening.”
Dit neutrale karakter is essentieel om te kunnen spreken van een onrechtstreekse schenking (Brussel, 07.11.1997). De schenking zelf mag enkel onrechtstreeks blijken, bv. uit briefwisseling of uit een bewijsdocument waaruit duidelijk de wil van de partijen blijkt om een schenking te doen. Onrechtstreekse schenkingen zijn niet onderworpen aan de vormvoorschriften van artikel 4.158 van het Burgerlijk Wetboek en voor onrechtstreekse schenkingen bestaat er geen registratieverplichting (beslissing E.E. 100.528, 25.04.2005).
2.2. Hoe doet u het correct?
De neutrale handeling
Stel, u wilt een bepaald bedrag aan uw kinderen schenken. Het is dan eenvoudiger om te werken met een bankgift in plaats van met een handgift.
U hoeft immers niet af te spreken met de begunstigden (bv. bij de bank) om het geld daadwerkelijk te overhandigen.
U schrijft het geld van uw rekening gewoon over naar de rekening van de begunstigden. Schrijf bij de overschrijving nooit dat het om een schenking gaat (het neutrale karakter!). Laat het vakje ‘mededeling’ dus gewoon blanco en vul dus zeker niet ‘schenking’ of ‘gift’ in.
Anders is de overschrijving niet meer ‘neutraal’ en wordt de onrechtstreekse schenking een ‘rechtstreekse’ schenking, waarbij de vormvoorwaarden (notariële akte) miskend worden. Dit heeft dan tot gevolg dat de schenking nietig is (rb. Brussel, 03.01.1998). Zolang de schenker leeft, neemt men algemeen aan dat het gaat om een absolute nietigheid, die in principe ook de fiscus zou kunnen opwerpen. Uiteraard is de kans wel miniem dat de fiscus dat in dit stadium te weten komt.
Vanaf het moment van het overlijden van de schenker wordt deze nietigheid echter ‘relatief’, wat betekent dat de nietigheid alleen opgeworpen kan worden door de erfgenamen. Kortom, als er een dergelijke schenking gedaan werd aan een enig kind, zal u daarvan in de praktijk niet echt wakker moeten liggen. De kans is dan immers heel klein dat iemand dit zal aanvechten. In de andere gevallen zet u deze schenking echter het best alsnog recht. De vraag is dan natuurlijk hoe u dat kunt ‘rechttrekken’. Een eenvoudige en sluitende oplossing is dat de bankgift gewoon overgedaan wordt. Het geld of de effecten worden dus gewoon teruggestort en de bankgift wordt overgedaan, waarbij men deze keer niets vermeldt in de mededeling van de overschrijving. Houd er wel rekening mee dat de termijn van de fameuze vijf jaar wel begint te lopen vanaf de datum van de nieuwe bankgift.
Zorg voor een bewijs
Strikt juridisch gezien is er bij een bankgift geen schriftelijk bewijs vereist. Er hoeven juridisch gezien immers geen vormvereisten nageleefd te worden en bovendien is het de fiscus die moet bewijzen dat de gift binnen de vijf jaar vóór het overlijden gebeurde om de gift alsnog te kunnen onderwerpen aan de successierechten.
Uiteraard is het een echte aanrader om wel een schriftelijk bewijs op te maken van de bankgift. Op die manier vermijdt u immers latere discussies met de fiscus. Een schriftelijk bewijs is dus nuttig om aan te tonen dat de schenking plaatsvond meer dan vijf jaar vóór het overlijden van de schenker. Wat weleens vergeten wordt, is dat een dergelijk geschrift ook heel nuttig is als er bepaalde voorwaarden gekoppeld worden aan de bankgift, bv. een last. Ook is het nuttig naar de andere vermoedelijke erfgenamen toe zodat het duidelijk is dat het om een gift gaat en bv. niet om een lening voor de bouw van een woning. Redenen genoeg dus om altijd een schriftelijk bewijs op te maken.
Aangetekende brieven of een bewijsdocument
Vaak worden de klassieke aangetekende brieven nog gebruikt om een bewijs te creëren van de bankgift, hoewel die meer en meer vervangen worden door een gezamenlijk document (een zgn. pacte adjoint). Wie raad vraagt aan meer dan één bankier, zal vaststellen dat elke bank zijn eigen methode heeft, waarbij de zaken soms veel ingewikkelder gemaakt worden dan nodig is. Volgens sommige bankiers moet bv. de eerste aangetekende brief (van de schenker) immers altijd verstuurd worden vóór de bankgift en zeker niet erna. Volgens andere bankiers moeten beide aangetekende brieven absoluut ná de bankgift zelf verstuurd worden.
Bij een bankgift schrijft de schenker bv. een bepaalde som of effecten over naar de begiftigde. Het meest logische is dat de schenker een aangetekende ‘aankondigingsbrief’ stuurt naar de begiftigde en dit dus vóór de schenking. Het is echter ook perfect mogelijk dat de schenker onmiddellijk ná de bankgift een aangetekend schrijven stuurt. Erna kan dus ook nog, al zal men dan wel de inhoud van de aangetekende brief wat moeten veranderen. De schenking is op dat moment immers al gebeurd.
Na de realisatie van de bankgift stuurt de begiftigde vervolgens een aangetekende ‘bedankbrief’ naar de schenker, ná de schenking dus. U kunt bij een bankgift perfect bewijzen wanneer de schenking plaatsvond aan de hand van de rekeninguittreksels en de aangetekende brieven.
De datum van de bankgift is degene waarop de rekening van de begiftigde gecrediteerd werd en vanaf die datum loopt dus ook de fameuze termijn van vijf jaar.
De aangetekende brieven hoeven juridisch gezien niet gesloten bewaard te worden. Wie ooit een bankgift deed en de brief opende, hoeft zich dus geen zorgen te maken. Uiteraard kan dit geen kwaad en bovendien is het zelfs aan te raden om eventuele discussies over de inhoud te vermijden. Ook het zetten van een handtekening op de sluiting van de enveloppe, is geen juridische vereiste, maar het mag natuurlijk wel.
Aangetekend én via gewone post?
Soms wordt er aangeraden om de brieven zowel aangetekend als per gewone post te versturen. Op alle brieven staat dan ‘aangetekend en per gewone post’. Het spreekt voor zich dat het juridisch gezien zeker geen ‘must’ is om de brieven aangetekend én per gewone post te versturen, maar toch is dit een aanrader omdat het in de praktijk heel handig blijkt te zijn.
Stel bv. dat u enkele jaren na de bankgift niet meer precies weet welke voorwaarden eraan verbonden waren. Aangezien het aan te raden is om de aangetekende brieven gesloten te laten, is het dan wel handig dat u de inhoud van de brief nog eens kunt nakijken in de ‘gewone’, geopende brief.
Eén document (een zgn. pacte adjoint) is iets handiger
Het sturen van deze twee klassieke aangetekende brieven is een perfect sluitende manier om samen met de rekeninguittreksels de bankgift te bewijzen, maar het vergt natuurlijk wat organisatie en een juiste timing, zeker als de overschrijving bestaat uit allerlei verschillende effecten die op verschillende data overgeschreven werden.
Vandaar dat deze twee aangetekende brieven steeds vaker vervangen worden door één gezamenlijk document. Dit is de eenvoudigste manier om een bewijs te creëren en het is ook gemakkelijk omdat u slechts één document hoeft mee te nemen voor de registratie van de schenking bij een plotse ziekte van de schenker. Het volstaat immers dat de schenker en de begiftigde samen ná de bankgift het document ondertekenen (beslissing E.E. 100.528, 25.04.2005).
Uiteraard is het wel vereist – maar dat geldt ook voor de aangetekende brieven – dat de juiste formulering gebruikt wordt in het document. Laat u daarom steeds bijstaan door een specialist (een vermogensplanner, een gespecialiseerde advocaat, een jurist, enz.) of laat het model dat u gebruikt tenminste juridisch gezien checken om latere verrassingen te vermijden.
In de praktijk worden eenvoudige bankgiften ‘georganiseerd’ door uw bankier. Hij zorgt voor de nodige modellen bij de bankgift en regelt de overschrijvingen. Een goede bankier of private banker zal vooral ook oog hebben voor de juiste timing omdat de bankgift anders juridisch gezien niet sluitend is. Om mogelijke fouten te vermijden, zullen bankiers steeds vaker overschakelen van de aangetekende brieven naar een bewijsdocument (een zgn. pacte adjoint).
Uit de praktijk blijkt dat de kans op fouten dan veel kleiner is in vergelijking met de aangetekende brieven. Denken we bv. maar aan de aangetekende ‘bedankbrief’ die te vroeg verstuurd werd omdat een overschrijving van een aantal effecten ‘bleef hangen’ aan bepaalde voorwaarden in de aankondigingsbrief (brief 1) en de bedankbrief (brief 2), die niet volledig identiek zijn of gewoon aan belangrijke schrijffouten of vergissingen die dikwijls pas te laat ontdekt worden als de enveloppe na het overlijden geopend wordt.
Met een bewijsdocument is de kans op fouten veel kleiner en als u achteraf toch een fout zou ontdekken (bv. er staat als last een jaarlijkse rente van € 3.000 in plaats van € 30.000), kunt u het bewijsdocument gewoon verscheuren en een nieuw opmaken.
Er is echter meer. Als u bv. als ouder geld overschrijft (binnen dezelfde bank), dan staat dat geld dezelfde dag nog op de rekening van bv. uw zoon. Dat is zelfs zo bij een heel aantal effecten. Concreet betekent dit dat als u vandaag beslist om te schenken, u de overschrijving vandaag kunt uitvoeren en doorgaans de volgende dag al het bewijsdocument kunt ondertekenen en alles dus rond kan zijn op 24 uur. Voor de overschrijving van bepaalde effecten kan dat iets langer duren, maar toch kan alles veel sneller en minder omslachtig dan met aangetekende brieven.
Kortom, een bewijsdocument biedt een heleboel voordelen in vergelijking met de twee klassieke aangetekende brieven. Het is handiger, sneller en discreter en het verlaagt de kans op fouten.
Mag het bewijsdocument (pacte adjoint) digitaal ondertekend worden?
Het bewijsdocument van de bankgift kan ook digitaal opgesteld worden en de pacte adjoint kan ook digitaal ondertekend worden door de schenker en de begiftigde(n). Algemeen wordt aangenomen dat dit geldig is in de drie gewesten. In zijn standpunt nr. 22018 bevestigde Vlabel dat trouwens. In het kader van het bewijs van de datum van een bankgift wordt de voorlegging van een elektronisch ondertekende pacte adjoint, samen met de bankrekeninguittreksels, dus als sluitend bewijs aanvaard. Een ‘natte’ handtekening hoeft dus niet. U kiest het best voor een ‘gekwalificeerde elektronische handtekening’, want die heeft hetzelfde rechtsgevolg als een handgeschreven handtekening. De bekendste toepassingen ervan zijn ongetwijfeld itsme en de ondertekening met eID. Het is wel belangrijk dat een gekwalificeerde elektronische handtekening ook een elektronische tijdstempel genereert, waardoor op die manier een ‘semivaste’ datum gecreëerd wordt. Het versturen van de pacte adjoint via een aangetekende brief wordt dan overbodig.
Intentiebrief bij modaliteiten in pacte adjoint?
Intentiebrief
Als er allerlei voorwaarden in de pacte adjoint van de bankgift gestipuleerd worden (bv. beding van terugkeer, vervreemdingsverbod, verbod inbreng in huwgemeenschap, rentelast, enz.) wordt in de rechtsleer veiligheidshalve steeds vaker aangeraden een voorafgaande intentiebrief te sturen, uitgaande van de schenker en gericht aan de begiftigde, waaruit de bedoeling om te schenken blijkt en de eventuele voorwaarden en modaliteiten waaronder de schenker bereid is te schenken. Deze brief wordt opgemaakt en verstuurd op een datum VOOR de overschrijving. Zo is duidelijk dat de voorwaarden vooraf zijn overeengekomen en niet achteraf. Deze intentiebrief stuurt u best zo op zodat u de datum kan bewijzen, dus aangetekend, met poststempel of op een andere manier zodat u de (semi)vaste datum kan bewijzen. Deze intentiebrief lijkt ons vooral aangeraden om discussies tussen schenker en begiftigde te vermijden over de voorwaarden. Fiscaal gezien is het wel aan te raden, zij het niet strikt noodzakelijk volgens ons (le fisc n’est pas juge des nullités).
Intentie-e-mail in de praktijk
Om praktische redenen wordt in de praktijk steeds vaker vooraf een ’intentie-e-mail’ verstuurd door de schenker, wat eenvoudiger is dan een brief. De e-mail mag trouwens ook verstuurd worden door bv. uw adviseur (accountant, estate planner of private banker) die het document opmaakt. In die e-mail staat dan dat er een bankgift zal gebeuren en dat daar bepaalde voorwaarden aan verbonden zullen zijn die vervolgens opgesomd worden. De toekomstige begiftigde antwoordt dan via een e-mail dat hij akkoord gaat met die voorwaarden als hij de schenking zou krijgen. Zo bent u er zeker van dat de begiftigde alle voorwaarden vooraf kende.
Diverse modellen
Er zijn meerdere modellen van de bankgift.
2.3. Wat zijn de voor- en de nadelen?
De voor- en de nadelen zijn eigenlijk dezelfde als die van de handgift. In het kort: er zijn geen schenkingsrechten verschuldigd en uw erfgenamen zullen evenmin successierechten betalen. De nadelen: om de successierechten te vermijden, moet u in ieder geval nog vijf jaar in leven blijven (art. 7 W.Succ. en art. 2.7.1.0.5., §1 VCF) en u kunt deze techniek alleen gebruiken voor bepaalde roerende goederen.
2.4. Extra tips
Snel registreren binnen de vijf jaar
Als de schenker (bv. de vader) plots ziek wordt na de schenking en de kans reëel is dat de fameuze vijf jaar niet gehaald zal worden, kan het kind de bankgift snel laten registreren op het kantoor Rechtszekerheid (het vroegere registratiekantoor). Het kind betaalt dan het vlakke tarief van 3% (3,3% in Wallonië), maar daarmee zijn alle belastingen betaald. Sommigen gebruiken deze techniek van het registreren van een hand- of een bankgift trouwens ook om het ereloon van de notaris uit te sparen.
Let op! De FOD Financiën blijft bevoegd voor de registratie van akten, zodat het bewijsdocument nog altijd bij de federale registratiekantoren aangeboden moet worden. Sinds 2015 bezorgt de FOD Financiën echter aan Vlabel de akten of bewijsdocumenten die onderworpen zijn aan de Vlaamse registratierechten. Vlabel berekent dan de verschuldigde registratierechten en stuurt een uitnodiging tot betaling naar de belastingplichtige.
Het kantoor Rechtszekerheid is enkel open op werkdagen van 8 uur tot 12 uur. Maar sinds 1 mei 2022 kunt u in het hele land een bankgift ook digitaal registreren via MyMinfin, het onlineplatform van de FOD Financiën. U moet dan gewoon alle schenkingsdocumenten (ondertekend bewijsdocument of aangetekende brieven en rekeninguittreksels) in één pdf-document bundelen en online aan de fiscus bezorgen. Voor meer informatie, zie https://financien.belgium.be/nl/faq/hoe-een-roerende-schenking-laten-registreren#q1of. Deze elektronische manier van werken is nu de regel geworden in de drie gewesten. De papieren aanbieding kan nog altijd voor privépersonen, maar moet dan wel gebeuren door het document via de post op te sturen naar het adres dat de FOD Financiën op zijn website meegedeeld heeft (vr. & antw., Kamer, 2024-25, nr. 56-15, p. 187).
Let wel, in het Waals en het Brussels Hoofdstedelijk gewest is uw bankgift nog altijd pas ‘geregistreerd’ na de effectieve betaling en wordt er (ook in Vlaanderen) nog altijd enkel tijdens de openingsuren geregistreerd.
Wordt de schenker dus vrijdagmiddag zwaar ziek vóór een (verlengd) weekend, dan moet u wachten tot de volgende werkdag en telt ook de elektronische registratie pas vanaf de volgende werkdag. In dergelijke situaties is er dan toch nog een oplossing. In de drie gewesten is het voldoende dat u naar een Belgische notaris stapt. Het volstaat immers dat de schenkingsakte in de aanwezigheid van de notaris getekend is, ook al wordt de schenkbelasting pas later betaald. De schenkbelasting is dan immers verworven voor de fiscus en dat is voldoende.
De fiscus vindt dat een eenzijdig document niet voldoende is voor een bankgift. Enkel een verklaring die opgesteld en ondertekend is door zowel de schenker als de begiftigde, kan dus geldig aangeboden worden ter registratie om latere successierechten te vermijden. Voor een bankgift betekent dit concreet dat het noodzakelijk is dat het document of de documenten ondertekend is/zijn door de schenker en de begiftigde. Dit kan dus via het gezamenlijk ondertekende document of de twee aangetekende brieven (beslissing E.E. 100.528, 25.04.2005).
Bij aangetekende brieven is het dus van belang dat beide brieven goed bewaard worden. Een eenzijdige verklaring van een bankgift door de begiftigde alleen kan dus niet meer snel geregistreerd worden tegen 3% of 3,3%.
Bijkomende modaliteiten
Het gebruik van een bewijsdocument of de aangetekende brieven geeft het bijkomende voordeel dat u bepaalde voorwaarden kunt verbinden aan de schenking, die dan op het document zelf aanvaard kunnen worden door de begiftigde of in zijn of haar antwoord. Zo kunt u bv. een bepaalde last voorzien. U schenkt bv. € 75.000 aan uw kind met als last dat hij of zij u maandelijks een bepaald bedrag betaalt (bv. € 250).
Bewaar de rekeninguittreksels zelf
Houd de rekeninguittreksels van de overschrijvingen goed bij, het liefst op een brandvrije plaats (bv. in een kluis). Bij de meeste banken worden de afschriften immers slechts tien jaar bijgehouden, terwijl de kinderen pas met dit bewijs naar boven hoeven te komen bij het overlijden van de ouders. Dikwijls is dat dus 20 of 30 jaar later. Wie op dat moment naar zijn bank stapt om een kopie te krijgen van een uittreksel van ongeveer dertig jaar geleden, zal bot vangen.
2.5. Wanneer is dit een goede strategie?
Wie een bepaalde som geld of een beleggingsportefeuille wil schenken op een fiscaalvriendelijke en eenvoudige manier, kan dit het best doen via een bankgift.
2.6. Hoeveel kost het?
U betaalt natuurlijk bankkosten, kosten voor het beheer van uw effectenrekening, enz., maar die staan eigenlijk los van de schenking op zich. Uw enige kosten zijn dus eigenlijk twee aangetekende brieven en eventueel het openen van een effecten- of een andere rekening voor de begiftigde(n).
2.7. En de antimisbruikbepaling?
De antimisbruikbepaling is op zich niet van toepassing. De bankgift staat nl. uitdrukkelijk vermeld op de zgn. federale en Vlaamse, witte lijst.