Fiscus kan aftrek van oude verliezen weigeren, ook zonder eerdere opmerkingen
Ook als de fiscus bij de aangifte en boekhouding van een bepaald jaar geen opmerking heeft gemaakt, kan hij later toch beslissen om de aftrek van een overgedragen verlies te weigeren. Het is dus niet omdat het verlies in het verleden niet werd betwist, dat u automatisch zeker bent van aftrek.
-
De lokale sportvereniging fiscaal vriendelijk sponsoren
Wilt u een lokale sportvereniging of andere vereniging financieel steunen? Dan kan u dat vaak op een fiscaal interessante manier doen via sponsoring. Betaalt u namelijk een bedrag in ruil voor publiciteit voor uw zaak, dan zijn die kosten in principe volledig fiscaal aftrekbaar als publiciteitskosten.
-
Gezinswoning aankopen in Vlaanderen aan 2% registratierechten, terwijl u reeds een ander pand bezit?
Koopt u in Vlaanderen uw enige gezinswoning, dan betaalt u in principe slechts 2% registratierechten in plaats van 12%. Daarvoor mag u, alleen of samen met de andere kopers, nog niet voor 100% volle eigenaar zijn van een andere woning of bouwgrond, in Belgiƫ of in het buitenland. Is dat wel het geval, dan geldt het gewone tarief van 12%.
-
De handgift en de bankgift of onrechtstreekse schenking
Hieronder bespreken we twee bekende technieken waarmee u uw vermogen en uw nalatenschap kunt optimaliseren: de handgift en de bankgift of onrechtstreekse schenking.
Wanneer uw vennootschap een verlies uit het verleden wil aftrekken van de huidige winst, moet u kunnen bewijzen dat dit verlies echt heeft bestaan en wat het exacte bedrag was. Het feit dat de fiscus in het boekjaar waarin het verlies ontstond geen vragen stelde of opmerkingen maakte, betekent niet dat hij in een later boekjaar geen bezwaar meer kan hebben. U bent verplicht om het verlies te bewijzen op het moment dat u het in aftrek neemt, niet op het moment dat het ontstond.
U moet met een bewijskrachtige boekhouding en eventuele andere stukken, zoals facturen, contracten of andere bewijsdocumenten, duidelijk het bedrag en het bestaan van het verlies aantonen. Zelfs als de wettelijke bewaartermijn van tien jaar voorbij is, doet u er goed aan om alle relevante documenten langer te bewaren zolang u het verlies nog in aftrek wilt nemen. Zo voorkomt u problemen als de fiscus in een later jaar toch vragen stelt.
Het is dus belangrijk om niet te rekenen op het stilzwijgen van de fiscus uit het verleden. Pas wanneer u het verlies effectief in mindering brengt, komt het bewijs op tafel te liggen. Bent u niet in staat om het bestaan en het bedrag van het verlies voldoende te bewijzen, dan riskeert u dat de aftrek wordt geweigerd, ook al leek er eerder geen probleem te zijn.