Hoe aanspraak maken op zgn. moratoriuminteresten
Moratoriuminteresten zijn interesten die de fiscus u moet betalen als hij u belastingen moet teruggeven die u ten onrechte betaald heeft.
-
Koopt u een nieuwe auto beter nog in 2026 dan in 2027?
Stel u wil een nieuwe auto aankopen of leasen voor uw onderneming (eenmanszaak of vennootschap). Kan u dit dan beter nog in 2026 doen of kan u fiscaal gezien evengoed wachten tot in 2027?
-
Wanneer heeft uw vennootschap recht op investeringsaftrek voor boekjaar 2026?
Doet uw kleine vennootschap een nieuwe investering, dan kan zij daarvoor onder bepaalde voorwaarden genieten van de investeringsaftrek. Wanneer moet die investering precies gebeuren om nog recht te hebben op de investeringsaftrek voor boekjaar 2026?
-
Winst toegewezen aan een liquidatiereserve
Om de correcte beslissingen te nemen tijdens en bij de afsluiting van boekjaar 2025, moeten drie vragen gesteld worden: 1. Vanaf welke tijdstip kunnen – eerder aangelegde – liquidatiereserves fiscaal voordelig uitgekeerd worden? 2. Vormt het een opportuniteit om liquidatiereserves vervroegd uit te keren? 3. Vormt het een opportuniteit om liquidatiereserves aan te leggen voor boekjaar 2025?
Voor inkomstenjaar 2024 bedragen de moratoriuminteresten 2%. Voor inkomstenjaar 2025 is dit tarief ongewijzigd. Gaat u in bezwaar tegen een belastingaanslag of vraagt u ambtshalve ontheffing, dan moet u echter niet expliciet vragen naar die moratoriuminteresten, maar niets houdt u tegen om het toch te doen.
De moratoriuminteresten moeten wel minstens € 5 per maand bedragen. Omgerekend gaat het dan m.a.w. over minimaal € 3.000 aan belastingen die ter discussie staan, nl. € 3.000 × 2% op jaarbasis/12). Die € 3.000 mag trouwens wel een optelsom zijn. Wanneer de betwisting bv. over twee aanslagjaren gaat, dan moet de fiscus vertrekken van de optelsom van die twee ten onrechte betaalde bedragen. Dat heeft Cassatie in het verleden immers zo gesteld (Cass., 22.05.2015). Het voordeel daarvan is dat u sneller aan € 3.000 komt en dus sneller recht heeft op de moratoriuminteresten.
Laat ons verduidelijken met een voorbeeld. U bent voor eenzelfde discussiepunt in bezwaar gegaan tegen twee aanslagen, waarbij u voor aanslag 1 een bedrag van € 2.100 betaalde en voor aanslag 2 een bedrag van € 1.500. De globale berekeningsgrondslag is dus € 3.600 (€ 2.100 + € 1.500), zodat u als u in bezwaar gelijk haalt, toch recht heeft op die interesten van 2%.