Plug-in hybrides: fiscale versoepeling voor zelfstandigen met eenmanszaak, maar geen verandering voor btw
Het federale regeerakkoord voorziet een versoepeling voor de fiscale aftrek van plug-in hybrides voor wie onderworpen is aan de personenbelasting (zelfstandigen met een eenmanszaak). Inzake de btw-aftrek zijn er geen wijzigingen op komst.
-
Deadline voor uw “complexe” aangifte personenbelasting aanslagjaar 2025 is verlengd
De deadline voor wie zijn “complexe” aangifte personenbelasting over inkomstenjaar 2024/aanslagjaar 2025 online indient via Tax-On-Web is verlengd tot en met 31.10.2025. Initieel had u slechts tijd tot en met 16.10.2025.
-
Uitstel invoering btw-ketting
De invoering van de btw-ketting wordt uitgesteld tot een later te bepalen datum. Hierdoor blijft ook het huidige rekeningnummer voor btw-betalingen voorlopig behouden.
-
Mag u een afschrijvingstermijn zelf kiezen?
Wanneer u investeert in bedrijfsmiddelen met een beperkte levensduur, moet u deze afschrijven over hun verwachte gebruiksduur. Maar hoe bepaalt u die termijn?

Voor plug-in hybrides gekocht, geleased of gehuurd tussen 1 juli 2023 en eind 2025 geldt dit jaar een maximale fiscale aftrek van 75%. Volgens het regeerakkoord blijft, voor zelfstandigen die onder de personenbelasting vallen (eenmanszaken) die 75% behouden voor plug-in hybrides gekocht, geleased of gehuurd tot eind 2027. Daarna wordt het percentage geleidelijk afgebouwd tot 0%.
Personenwagens gekocht via de vennootschap of door een vennootschap-werkgever vallen uit de boot voor deze uitzonderlijke regeling tot eind 2027. Voor hen blijft het uitdoofscenario voor de aftrekbaarheid van plug-ins, aangeschaft vanaf 1 juli 2023 tot en met 31 december 2025, ongewijzigd. Het aftrekpercentage zal dus vanaf 2026 geleidelijk worden afgebouwd tot 0%.
Op het vlak van btw verandert er niets: het regeerakkoord voorziet geen aanpassing voor de btw-aftrek van (hybride) wagens. De bestaande drie methodes (rittenadministratie, forfaitaire aftrek, semi-forfaitaire aftrek) om het beroepsgebruik (en dus het aftrekpercentage) te bepalen, blijven gelden. Wie bijvoorbeeld altijd het forfaitaire percentage van 35% gebruikte, kan dat blijven doen.