Vervoersdiensten in onderaanneming vanaf 01.04.2022 niet langer vrij van btw
De uitvoer van goederen vanuit België of vanuit een andere EU-lidstaat naar een plaats buiten de EU is vrijgesteld van btw.
-
Meerwaardebelasting: hoe wordt er bepaald of u een belastbare meerwaarde heeft gerealiseerd?
Sinds 1 januari 2026 is er, zoals eerder gecommuniceerd, een belasting op meerwaarden op financiële vaste activa in uw privévermogen, zoals aandelen. Belegt u als particulier op een gewone, niet beroepsmatige manier, dan wordt de meerwaarde in principe belast aan 10%. Hoe wordt dan bekeken of u effectief een belastbare meerwaarde heeft gerealiseerd?
-
Btw-vrijstellingsregeling voor kleine ondernemingen: omzetdrempel € 25.000
Is uw jaaromzet exclusief btw niet hoger dan € 25.000, dan kan u in principe kiezen voor de vrijstellingsregeling voor kleine ondernemingen. U moet dan geen btw aanrekenen op facturen aan uw klanten en dus ook geen periodieke btw-aangiftes meer indienen.
-
Tweedehandsauto aankopen met uw vennootschap
Zoals u wellicht weet, zijn de autokosten van een auto die niet 100% emissievrij is, zoals een hybride auto of een auto met een verbrandingsmotor, die u in 2026 met uw vennootschap aankoopt, niet langer aftrekbaar voor uw vennootschap. Maar wat als u een tweedehandsauto aankoopt die al vóór 2026 in gebruik was?
De uitvoer van goederen vanuit België of vanuit een andere EU-lidstaat naar een plaats buiten de EU is vrijgesteld van btw. Ook de diensten die rechtstreeks verband houden met zulke uitvoer is niet onderhevig aan btw. Het gaat daarbij o.m. om het vervoer van goederen, laden en lossen, en het opbergen en bewaren van de goederen. Het is van belang dat de dienst verricht wordt met het oog op de uitvoer of m.a.w. om de uitvoer voor te bereiden en/of mogelijk te maken.
Uit een arrest van het Hof van Justitie (C-288/16, 29.06.2016) blijkt dat, opdat een vervoersdienst rechtstreeks verband houdt met de uitvoer van goederen, vereist is dat die vervoersdienst rechtstreeks voor de uitvoerder of de ontvanger van de goederen verricht wordt. Dat impliceert dat de btw-vrijstelling slechts toegepast kan worden in de verhouding tussen enerzijds de dienstverrichter en anderzijds de afzender of de ontvanger van de goederen. Bij onderaanneming is dat volgens het Europees Hof van Justitie dus niet mogelijk. Als de dienstverrichter een beroep doet op een onderaannemer, dan mag die onderaannemer de btw-vrijstelling niet toepassen. De Btw-Administratie volgt die zienswijze. Concreet zal vanaf 1 april 2022 de toepassing van de btw-vrijstelling niet meer mogelijk zijn voor een vervoersdienst verricht door een onderaannemer (circulaire 2021/C/96 met addendum circulaire 2021/C/101). Voor de andere diensten die samenhangen met uitvoer wijzigt er evenwel niets.